The Belgian Ginvasion: FG20-3 & The oriGIN

(scroll down for English!)

Een van de eerste contacten die ik legde bij aanvang van ‘The Belgian Ginvasion’ was met ‘Stokerij De Moor’ uit Aalst. Het was Carolien van Schandevijl die me enthousiast te woord stond. Zij nodigde me onmiddellijk uit bij haar vader, Patrick, zodat hij, als meester-distilleerder, mij alles kon vertellen over ‘FG20-3‘ en ‘the oriGIN‘, de twee gins die ze als familiebedrijf van 4e en 5e generatie maken. En dus sprak ik op een maandagmiddag af met Patrick in de stokerij voor een uiteenzetting die uiteindelijk zou uitdraaien op een urenlang gesprek over veel meer dan waarvoor ik gekomen was.

Kom, we gaan eerst naar beneden”, begint Patrick, “en beginnen met wat geschiedenis over ons familiebedrijf.” We wandelen in hun winkel een trap naar beneden en staan plots te midden van enkele oude koperen toestellen en kaders met portretten of sfeerfoto’s die duidelijk al een strijd leverden tegen de tand des tijds. “Stokerij De Moor steunt op sterke vrouwen.”, vertelt hij terwijl hij enkele foto’s aanwijst. “Meer dan honderd jaar geleden kochten Frans De Moor en Anna Lafon een stokerij op en begonnen zelf aan de productie van jenevers en likeuren. Ook importeerden ze andere dranken en wijnen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog wordt Frans vermoordt, maar Anna zal met hun zoon en zijn vrouw het werk verderzetten.”, terwijl Patrick uitgebreid vertelt hoe de Duitsers mensen vermoordden, huizen verwoestten en zowel het koper als de inboedel plunderden, luister ik aandachtig. “Sommige onderdelen van de stokerij hadden ze weg gekregen voor de Duitse invallen. Die originele koperen toestellen zie je hier staan.”, hij wijst enkele zaken aan. Ook de rest van de geschiedenis is er een van afbraak en heropbouw. Uiteindelijk komen Greet De Moor en Patrick van Schandevijl in 1985 aan het roer te staan. De zaak breidt steeds verder uit en dwingt hen om tot aan de buitenrand van Aalst te trekken. In 1999 werd alles vernieuwd maar op dit moment dreigt alles opnieuw uit zijn voegen te barsten. “Een goed teken toch?”, zeg ik. Patrick lacht.

Het is midden 2012 als FG 20-3 op de markt verschijnt. De eerste Belgische premium Gin, een afkorting van ‘Flemish Gin bestaande uit 23 botanicals’. het is een kwestie van weken en de gekende ‘Filliers Dry Gin 28‘ wordt naar aloud recept heruitgebracht. Het zijn deze twee gins die aan de basis liggen van honderden Vlaamse gins, van de Belgische Ginvasie die tot op heden welig tiert.

De FG is eigenlijk gebaseerd op een nog ouder recept”, vertelt Patrick me. “Ja-ren geleden maakte ik voor een uitbater van een hotel hier in Aalst een gin op maat, hij vond het huidige aanbod gins namelijk ondermaats, maar ja, toen was er ook niet veel.”, hij lacht eens, “In 2012 besloot ik uiteindelijk om dat oude recept terug in te voeren, ik voegde er wel nog 3 andere botanicals aan toe, vandaar de 20-3 in plaats van gewoon 23”. Ik grijns, ik leef voor weetjes zoals deze.

Ondertussen staan we in de stookkamer van de distilleerderij. We hebben het samen over verschillende stooktechnieken en de verschillen tussen Gin en Jenever. ‘Stokerij De Moor‘ is een van de laatste warme jeneverstokerijen van België: stokerijen die zelf zorgen voor de moutwijn voor hun jenever. Alles hier uitschrijven zou me enorm ver leiden, maar dat Patrick een meester in de kunst van het distilleren is, wordt me steeds duidelijker. De kennis die hij deelt neem ik gretig op. “Ik was deze voormiddag eigenlijk bezig aan distillaat van sinaasappel”, zegt hij terwijl we aan een kleine distilleerketel staan, hij zet het toestel terug in werking.

Terwijl de ketel opwarmt vertelt hij hoe hij met De Moor ook heel wat andere gins maakt dan de eigen FG 20-3: “In eigen naam maken we naast de 20-3 ook nog onze oriGIN, The distiller’s heart.” Deze gin wordt gemaakt tijdens het distilleren van de FG zelf, telkens als bepaalde aroma’s op hun hoogst zijn snijdt Patrick enkele cuts uit het proces, na samenvoeging worden deze gebotteld aan 49,3° in plaats van de gebruikelijke 46° en door de kleine cuts zijn ze per distillaat gelimiteerd tot maximum 36 (handgenummerde) flessen. “Een heftig werk dat uiterste concentratie vereist, ze weten dat ze me met rust moeten laten als ik met een oriGIN bezig ben.”, zegt hij fronsend. “Daarnaast doen we ook nog de Lindemans Clear en Red.” (Note: Deze gins komen later tijdens de Ginvasion nog aan bod)

Ondertussen heeft de kleine ketel haar 78,3° bereikt (aan deze temperatuur verdampt alcohol) en loopt het appelsiendistillaat door. Terwijl Patrick af en toe zowel het alcoholniveau bekijkt en de smaak test, laat hij me meedoen. Zo ontdek ik welke verschillende aroma’s eenzelfde distillaat krijgt tijdens haar doorloop. “Fantastisch toch, die evolutie.”, glundert Patrick. Het doet me deugd om iemand zo te zien genieten van het werk dat hij levert. “Naast onze eigen gins, likeuren en jenevers, maken we ook heel wat gins voor derden.”, ik knik. Zo ken ik wel wat Belgische gins die met hun recept aanklopten bij Patrick. (Moon Gin, X-Gin en Save The Queen Gin zijn enkele voorbeelden waar we het over hebben). Patrick vertelt hoe hij samen met zijn klanten werkt tot ze een distillaat hebben waar ze volledig achter staan. “Soms is het eenvoudig, soms een enorme uitdaging. Het hangt van zo veel verschillende factoren af. Maakt ook niet uit, zolang het maar goed is.” Een ding is duidelijk, Patrick moet en zal trots zijn op het werk dat hij levert, ook voor andere merken bindt hij niet in.

De keuze voor botanicals voor de eigen FG20-3 is vrij klassiek; de jeneverbes, afkomstig uit Toscane, moet zowel in geur en smaak duidelijk aanwezig zijn. De andere kruiden zijn afkomstig van over de hele wereld, het paradijszaad komt uit West-Afrika, steranijs uit de Filipijnen, cassiepijp uit India, de hop uit België. “Kijk, dit is een rest van kruiden die gebruikt zijn voor een eerdere batch.”, hij neemt er een emmer bij en laat me ruiken. De verse kruiden geven nog steeds een fantastisch aromatische geur af. Hij gaat er met zijn handen door en toont me het verschil tussen enkele pitten en wortels. “Oh, en hier! Ruik hier eens aan.”, plots staan drie bokalen voor me, namen van koffiebonen, alcoholpercentage en stookgraad op het label. “Een experiment”, knipoogt hij, “vertel eens welke je het meest intens vindt?”. Ik ruik aan de drie bokalen en wijs die in het midden aan. Hij glundert. “Dan zijn we al met drie.”, zegt hij, “Positief.”. Na een tijd gaan de gesprekken over vanalles en nog wat en besluiten we om af te ronden. Ik heb het gevoel dat ik kon blijven babbelen, over de likeuren en jenevers hebben we het met moeite gehad. Op mijn weg naar buiten komt ook net dochter Carolien toe. “En?” “Mijn hoofd staat op springen”, lach ik, al meen ik het wel, ik denk niet dat er nog veel informatie bij kon.

De dagen na ons gesprek begin ik met het proeven van FG20-3 en The OriGIN.

Beide gins bezitten een uiterst frisse, klassieke geur. Jeneverbes en korianderzaad leiden, citrus is aanwezig en een waaier aan kruidige aroma’s, zo begint de FG. In de oriGIN komt de citrus nog meer tot haar recht. In smaak is de oriGIN enorm zacht, geen scherpe kantjes, de kruiden nemen hier de citrus over. Vooral peperige en spicy tonen komen bovendrijven, kaneel, kruidnagel, cassia, zoethout. In de FG blijven de kruiden dominant in nasmaak. In de oriGIN wordt het geheel terug wat frisser en floraler. Beide gins zijn een echte smaakbelevenis.

Stokerij De Moor suggereert voor FG20-3 en The OriGIN op hun website geen perfect serve. In een foldertje dat ik meekreeg stond er voor de FG wel een (vrij beknopte) serve:
(1) 5cl Gin, afgetopt met tonic. Zonder garnituur of 1 van de 23 botanicals die aanwezig zijn in de gin.

IMG_20170723_114444_626

Ikzelf heb na lang nadenken besloten om mijn perfect serve voor beide Gins te serveren met  12,5cl Aqua Monaco Extra Dry en een eenvoudige garnituur van sinaasappelzeste. De gin heeft zoveel smaak en heeft weinig nood aan versterking van een tonic. De Aqua Monaco is heerlijk droog en biedt een uitstekend fundament voor de gins. Hoewel ze puur misschien nog wel het meest tot hun recht komen.

Patrick laat zien dat de kunst voor het maken van een kwalitatief prachtige gin niet hoeft te liggen bij exclusieve botanicals. Vakmanschap met aandacht voor alle details, daar ligt het hart van een goede gin.

Geniet!
Matthias

ENGLISH language_icon-03


One of the first people I got in contact with when I started ‘The Belgian Ginvasion‘ was Carolien Van Schandevijl from ‘Stokerij De Moor’ in Aalst. Enthousiastically we got talking. She invited me to come over and have a talk with her dad, master-distiller Patrick Van Schandevijl, so he could tell me everything I needed to know about FG 20-3 and The oriGIN, two of the gins they are making as a fourth and fifth generation family business. So one Mondayafternoon I went to the distillery for the necessary information, though after a couple of hours we ended up talking about pretty much everything you can think of etc… It was like meeting an old friend you haven’t seen in ages.

Come on, let’s go downstairs,”, he takes off, “We’ll start with some family history.” We walk down a set of stairs in their shop and suddenly are amidst old copper appliances and family photos, worn by time. “De Moor Distillery has a rich history of strong women.”, he says while pointing towards some pictures. “Over a 100 years ago, Frans De Moor and Anna Lafon bought an existing distillery and started their own proces of distilling jenever and making liqueurs. Next to that, they started other spirits and wines. Yet during the Great War, Frans gets killed. Anna, their son and her daughter-in-law continue the business.”, whily Patrick is vividly telling how the Germans killed, destroyed and plundered, I’m listening carefully. “Luckily, they were able to get some copper machinery out before the German invasion. Some of it, you’re looking at.”, again pointing towards some ‘stuff’. The entire family history is one of breaking down and rebuilding. In 1985 it’s Greet De Moor and her husband Patrick Van Schandevijl who end up taking over the distillery. The business expands and forces them to move to a bigger location just outside of the city center. In 1999 they renewed their business entirely, yet the same problems are reoccuring right now. “Isn’t expansion a good sign?”, I ask Patrick. He starts smiling.

It’s around mid 2012 when FG20-3 is released, the name’s an abbreviation of ‘Flemish Gin with 23 botanicals’. FG’s the very first premium Belgian Gin, it’s only a matter of weeks and the ancient Filliers recipe gets revamped as the well-known ‘Filliers Dry Gin 28’. These two gins are the sole fundaments of which has become a list of hundreds of gins. The true Belgian Ginvasion has been taking over Belgian bars for the past five years.

The FG is actually based on an older recipe”, Patrick tells me. “Years ago, a friend, who owned a hotel, here in Aalst, asked me for a tailor-made gin. He found the current selection of gin lacking and couldn’t find a worthy alternative. But yeah, there wasn’t much available back then.”, he laughs, “The hotel got shut don and I stopped producing the gin, until back in 2011-2012. I started working on the classic recipe again, yet decided to add three more ingredients. Hence the 20-3 in stead of 23.”, my eyes glisten, I’m a sucker for facts like these.

In the meanwhile we ended up in the distillery room, talking about the different techniques and differences between Jenever and Gin. Distillery De Moor is one of the last active distilleries who still distills their own maltwine for their jenever. Writing down all of it in this review would take me too far, yet it became quite obvious that ‘master-distiller’ is not just a title Patrick was given. He earned it the hard way. “I was actually working on an orange distillate”, he says while walking towards the smallest copper still in the room. While he keeps talking he switches the still back on.

While the still is heating up, he tells me that at ‘De Moor’ he distills a lot of different gins besides FG 20-3: “Next to our 20-3, we also have the oriGIN – Distiller’s Heart.” A gin made during the distillation of the FG itself, cutting out extremely small batches of the process, when certain botanicals have reached their aromatic height. Those cuts are blended and bottled at 49,3° (98,6 PROOF) in stead of the usual 46° (92 PROOF), this gin is limited to 35 or 36 handnumbered bottles per batch. “It’s one of the most demanding jobs, extreme focus is required. They know they have to leave me alone when I’m working on the oriGIN.”, he frowns while telling me this. “Next to that we also distill Lindemans Clear and Red.” (Note: these gins will get a separate blogpost.)

In the meanwhile the small still has reached the required 78,3° (at this temperature alcohol starts evaporating.) and the orange distillate sloly starts running. While Patrick checks the proof level and tests the flavor, he invites me to join in This way I learn what different flavors a distillate gets during the process. “Isn’t it great?”, he smiles. It’s so fantastic to see someone enjoying the effort he puts into his work. “Next to our own gins, jenevers and liqueurs, we also produce gins for other people.”, I nod my head, I’m well aware of gins who have worked with Patrick. (Moon Gin and Save The Queen Gin are two examples.) Patrick tells me how he and his clients work until they have a distillate they’re proud of. “Sometimes it’s an easy job, sometimes it takes ages. It depends on so many different things, but it doesn’t matter. What matters is that the end result is good enough.” One thing is clear: Patrick has a standard that also counts for the other gins he produces.

The used botanicas in FG20-3 are pretty ‘classic: Tuscan Junier berries lead in both smell and taste. The other botanicals are from allover the world: Grains of paradise from West-Africa, star anise from the Philipines, Cassia from India, Hops from Belgium. “Look, this is a batch of the botanicals that has been used for a run.”, he takes a bucket and lets me smell. The herbs have a wonderful aroma. Patrick runs through them with his hands and shows me leftovers of the different herbs. “Oh, wait! Smell these!”, he points towards three jars. I see the names of three different coffee beans, alcohol percentage and some other info on the label. “An experiment”, he winks. “Can you tell me which one is most aromatic?”. I smell all three of them. Slowly I point towards the middle one. He smiles. “Great. That makes three of us.”, he says. After a while we appear to be talking about everything except for gin and decide it’s time to round things up. On my way outside I have this feeling I missed out on talking about so many other things like his jenever and liqueur. “Maybe there’ll be a next time.”, I convice myself. On my way out I run into Carolien, his daughter. “And?” “My head is going to explode.”, I jokingly say. Even though I’m not really kidding.

The days after we met I start tasting the FG20-3 and The oriGIN. Both gins have this fresh and vibrant, well balanced, classic gin smell. Juniper and Coriander seeds lead, citrus apparent and a wide array of herbal aromas are at the base of the FG. In the OriGIN there’s room for a bit more citrus. In taste, the oriGIN is very smooth, surprisingly for a close to 100 proof gin. The herbs take over in taste. Especially the spicy and peppery tones are present. Cinnamon, Cloves, Cassia and Liquorice. In the FG these herbs keep dominating the warm aftertaste.  The oriGIN tones down again to make room for the citrus once again, a little florality added. Both gins are packed with flavor.

Stokerij De Moor doesn’t suggest a perfect serve on their website, yet they handed me a folder in which they included a ‘vague’ serve:
(1) 5cl Gin, add tonic and if you really want to add botanicals, add one of the 23 that are already in the gin.

IMG_20170723_114444_626

After thinking for quite some time about how to serve both gins I decided to go for the same serve, adding 12,5cl Aqua Monaco Extra Dry and orangezeste. The dryness of the Aqua Monaco really supports the gin, though I’m leaning a lot towards the fact that both of them showcase their true quality when you drink them neat.

Patrick shows with both gins that a quality product can rely on its flavor. FG 20-3 was one of the first premium Gins in Belgium, but after years and hundreds (if not thousands) of gins joined the ranks, can still compete due to Patrick’s craftmanship. And that’s the heart of great gin.

Enjoy!
Matthias

One Reply to “The Belgian Ginvasion: FG20-3 & The oriGIN”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s